Op vrijdag 27 maart 2026 werd de Voorjaarsnota 2026 gepubliceerd. De nota geeft geen erg rooskleurig beeld van de staat van het Nederlandse huishoudboekje. Zelfs met de voorgenomen bezuinigingen in de sociale zekerheid, loopt het begrotingstekort op en de staatsschuld daarmee ook. Dat terwijl de snellere verhoging van de AOW-leeftijd en de versobering in de werknemersverzekeringen WW en WIA op losse schroeven lijken te staan. Ook is de oorlog in het Midden-Oosten nog niet ingecalculeerd.
Aan de andere kant, blijft de staatsschuld van Nederland voorlopig wel ruim onder de 60% van het BBP. Ook vallen de zorguitgaven enigszins mee: de stijging daarvan is iets minder sterk dan verwacht. Naast deze algemene beschouwing, zitten er een paar interessante en relevante wijzigingen in de Voorjaarsnota. Die benoemen we kort in dit artikel.
Opname van maximaal 10% van het opgebouwde ouderdomspensioen of een lijfrente op de pensioendatum, is al ontelbare keren uitgesteld. Laatstelijk zou het ‘bedrag ineens’ ingaan op 1 juli 2026. Dat wordt nu uitgesteld tot 1 januari 2029. Dat is een jaar nadat alle pensioenen overgegaan moeten zijn naar het nieuwe pensioenstelsel (Wtp).
Het tarief overdrachtsbelasting voor woningen was in 2025 nog 10,4%. Nu is dat 8%. In 2027 gaat dit tarief verder omlaag naar 7%.
Er was voorgesteld (in de Fiscale Verzamelwet 2027) om bij schenkingen van een woning de waarde in het economisch verkeer van die woning als maatstaf van heffing te nemen.
In artikel 21, lid 5 SW staat nu nog dat de WOZ-waarde gebruikt wordt om de hoogte van de schenking vast te stellen. Dit zou gewijzigd worden naar de waarde economisch verkeer, maar alleen voor de schenkbelasting. Voor de erfbelasting zou het de WOZ-waarde blijven. Deze voorgestelde wetswijziging blijkt technisch te ingewikkeld om uit te voeren. Daarom wordt deze geschrapt. Bij schenkingen van een woning, blijft dus de WOZ-waarde leidend.
Sommige mensen hadden al in 2021 gerekend op de mogelijkheid om ineens 10% van hun pensioenvermogen uit te laten keren. Toen werd de wet daartoe goedgekeurd, al moest de inwerkingtreding ‘nog even’ geregeld worden. Inmiddels is duidelijk dat dit tot zodanige uitvoeringsproblemen leidt, dat dit niet eerder dan in 2029 mogelijk zal zijn. Er komt ook geen ‘terugwerkende kracht’: opname kan alleen in het jaar van het bereiken van de pensioenleeftijd. Dus als die datum is verstreken, kan daar geen gebruik van worden gemaakt.