Belang van goede vastlegging en een tijdig adviesrapport

Je komt via deze Nieuwsbrief regelmatig uitspraken van rechters of Kifid tegen, waarin de adviseur een tik op de vingers krijgt omdat hij zijn advies niet goed heeft onderbouwd. 
SEH benadrukt dan ook telkens hoe groot het belang is van goede vastlegging van je hele advies, inclusief gespreksnotities. En dat je je adviesrapport altijd tijdig – dus vóór het bindend aanbod – hebt verstrekt.

Dit blijkt niet alleen uit zaken waarin de adviseur een vergoeding opgelegd krijgt. We draaien het dit keer om: juist door de goede vastlegging, voorkomt een adviseur dat een klacht van een klant gehonoreerd wordt.
Dat blijkt uit een Kifid-uitspraak die we in dit artikel samenvatten.
 

Kifid-zaak van 9 januari 2026

De zaak draait om het volgende. Klanten die momenteel huren, gaan een woning kopen. Ze hebben overigens eerder een woning gehad, want er is nog een eigenwoningreserve aanwezig.

Ze gaan een hypotheek aan van € 570.000 met een bruto maandlast van € 2.768.

Klanten tekenen de offerte en de woning wordt gekocht, maar ze klagen daarna bij de adviseur over de hoge maandlasten.
Hun klacht berust op vier punten. De belangrijkste daarvan zijn:

  • Dat ze hadden aangegeven dat hun maandlast niet hoger mocht zijn dan de huur die ze eerder betaalden (€ 2.465). Dat zou een uitdrukkelijke eis van de klant zijn geweest. Als ze de hogere maandlast hadden geweten, zouden ze de woning niet gekocht hebben.
  • En die maandlast van de hypotheek was te rooskleurig en verwarrend voorgespiegeld. De klant verstaat onder ‘netto maandlast’ namelijk alle kosten rondom wonen. Dus niet alleen de brutolast van de hypotheek verminderd met de fiscale voordelen van renteaftrek. Ook heeft de adviseur tijdens het advies mondeling, in het adviesrapport en in de offerte verschillende netto maandlasten genoemd.

Ze eisen daarom € 15.841 aan schadevergoeding.
 

Kifid stelt adviseur in gelijk

De eisen van de klant worden verworpen. Het is vooral interessant om de overwegingen van Kifid daarbij te lezen.
De adviseur heeft namelijk zijn administratie en proces goed op orde. Het belang daarvan blijkt uit de motivatie van Kifid:

  • De adviseur heeft het klantprofiel, het inventarisatierapport en het adviesrapport opgestuurd op 20 februari 2024. Daarin staat consequent dat de klant een maximale hypotheeklast van € 2.800 wilden. De klanten hebben ontvangst van die stukken dezelfde dag bevestigd.
  • Dit was ruim voordat de offerte werd gestuurd. Die kwam namelijk op 8 maart 2024. Ook in die offerte stonden nog eens de maandlasten. De klanten hebben daar geen bezwaar tegen gemaakt.
  • Dit alles gaf de klant ruim voldoende tijd om de consequenties van de gewenste financiering te overzien, en daarop te reageren. Dat hebben ze niet gedaan. De hypotheekakte is gepasseerd op 5 juni 2024 en ze hebben pas op 18 juni geklaagd.
  • De klanten maken daarom niet aannemelijk dat ze de woning niet hadden gekocht als ze de consequenties hadden gekend, zoals ze in hun klacht beweerden.

 

Een mooi voorbeeld voor jouw praktijk

Je ziet aan deze uitspraak hoe belangrijk goede vastlegging is. En hoe belangrijk het is dat je het adviesrapport tijdig verstuurt. Juist doordat alle documenten consequent de wens van een maximale maandlast van € 2.800 noemden, en de klant ruim de tijd had om die te lezen, krijgt de adviseur gelijk.

Het is altijd vervelend als een klant achteraf klaagt. De kans dat een klant (als ‘zwakste partij’) gelijk krijgt, wordt groter als je gespreksnotities, inventarisatieformulieren en het adviesrapport niet tijdig verstuurd hebt. Of als die zelfs ontbreken. Dan wordt het ‘welles/nietes’ en in die zaken wint de klant per definitie: de adviseur moet aantonen dat hij een passend advies gegeven heeft.

Door het proces en de documentatie goed op orde te hebben, heeft deze adviseur geen enkele moeite met het weerleggen van de klacht.
Neem daar een voorbeeld aan. De tijdwinst die je lijkt te maken door minder vast te leggen of een adviesrapport (te) laat te versturen, weegt nooit op tegen de tijd en kosten die je maakt om je te verdedigen tegen een klagende klant.